

Effectieve studiekeuzebegeleiding: betrek zo veel mogelijk mensen
Effectieve studiekeuzebegeleiding
In de blogreeks 'Effectieve studiekeuzebegeleiding' delen wij onze ideeën over hoe je leerlingen kan aansporen aan de slag te gaan met hun studiekeuzeproces. In deze blog lees je onze zevende tip: Betrek zo veel mogelijk mensen. Verbondenheid In de blog waarin we onze derde tip deelden, vertelden we over de zelfdeterminatietheorie van Deci en Ryan (1985). Deze theorie gaat ervan uit dat ten grondslag van motivatie drie basisbehoeften liggen: autonomie, competentie en verbondenheid. In deze blog staat die laatste basisbehoefte centraal. We staan stil bij de vraag hoe je leerlingen het gevoel kan geven dat zij verbonden zijn met anderen en leggen we uit hoe dit bij kan dragen aan de motivatie van leerlingen om met hun studiekeuze aan de slag te gaan.
Verbinding tussen de leerlingen
Een manier om leerlingen te laten voelen dat ze niet alleen voor hun studiekeuze staan, is door in groepen te werken. Hier staan we in onze tweede blog van deze reeks uitgebreid bij stil. Door in groepen te werken, kunnen de leerlingen elkaar inspireren met mogelijke stappen om te zetten in het studiekeuzeproces; ze kunnen leren van elkaars vragen en de antwoorden die hierop worden gegeven; en ze kunnen elkaar helpen om op zichzelf en mogelijke studies te reflecteren. Een bijkomend voordeel van het bespreken van het studiekeuzeproces in groepen, is dat leerlingen zich meer verbonden zullen voelen met elkaar, dan wanneer ze alleen zelfstandig te werk zouden gaan. Een studiekeuze kan overweldigend voelen en veel twijfels en emoties met zich meebrengen. Door leerlingen hier samen mee aan de slag te laten gaan, merken ze dat ze allemaal in hetzelfde schuitje zitten en dat ze elkaar kunnen ondersteunen in het maken van hun keuze.
Feedback van de omgeving
Een andere manier om leerlingen meer met hun omgeving in verbinding te laten staan tijdens hun studiekeuzeproces, is door hen te stimuleren om hun omgeving om feedback te vragen. In onze blog over reflectie vertelden we dat wanneer je leerlingen laat reflecteren op hun kwaliteiten, het mooie inzichten kan opleveren wanneer de leerling hier ook input over vraagt aan mensen in zijn of haar directe omgeving. Dit kan mooie nieuwe inzichten opleveren, omdat een ander iets kan opvallen aan de leerling, wat diegene zelf minder helder ziet. In onze Studiescopeworkshop geven wij leerlingen daarom de huiswerkopdracht mee om mensen in hun omgeving om (positieve) feedback te vragen.
Wij werken graag vanuit kwaliteiten en niet vanuit valkuilen, omdat wij geloven dat leerlingen wanneer ze vanuit hun talenten denken, de kans het grootst is dat ze een opleiding kiezen die ook echt aansluit op wie zij zijn. Feedback vragen over ontwikkelpunten kan ook verhelderend zijn, maar in het geval van de studiekiezer is onze ervaring dat dit soort feedback eerder demotiverend werkt, dan dat het iets oplevert voor het studiekeuzeproces van de leerling. Daarom geven wij de leerlingen expliciet de opdracht mee om te vragen naar waar zij volgens anderen in uitblinken.
Wanneer je je leerlingen deze opdracht ook wil geven, kan je hen als tip geven om te proberen mensen deze vraag te stellen die hen in uiteenlopende contexten kennen: een familielid, een vriend(in), een klasgenoot, een sportcoach, een leraar, een werkgever, enzovoorts. Vaak is het zo dat mensen in iedere context andere kanten van zichzelf laten zien. Door mensen uit verschillende hoeken om feedback te vragen, is de kans groot dat leerlingen veel verschillende antwoorden terugkrijgen en zo tot mooie nieuwe inzichten komen die hen verder kunnen helpen in hun studiekeuzeproces.
Ouders betrekken
Ook onze blog waarin we als tip gaven om zo veel mogelijk vragen te stellen, is voor de tip van vandaag relevant. In deze blog legden we uit hoe je als begeleider zo goed mogelijk kan worden in het stellen van vragen, en hoe je leerlingen de kunst van het vragen stellen ook kan bijbrengen, zodat zij elkaar verder kunnen helpen. Er is hier nog extra winst te behalen. Leerlingen hebben namelijk niet alleen met jou als begeleider en met elkaar te maken in hun studiekeuzeproces, maar ook met hun ouder(s). Zij spelen ook een grote rol in het motiveren of juist demotiveren van hun kind. Studiekiezers worden namelijk vaak beïnvloed door de verwachtingen die zij denken dat hun ouder(s) van hen hebben op het gebied van hun studiekeuze. Wanneer jongeren zich een kant op geduwd voelen worden, kan dit ervoor zorgen dat ze zich niet (meer) gemotiveerd voelen om met hun studiekeuze aan de slag te gaan, of dat ze een keuze maken die ze niet persé zelf bij zich vinden passen, maar waarvan ze denken dat ze iemand in hun directe omgeving daar tevreden mee stellen. Jouw verantwoordelijkheid en mogelijkheden gaan natuurlijk niet zo ver dat je de verwachtingen van de ouder(s) weg kan nemen, maar je zou ouders wel kunnen ondersteunen in hoe zij hun kind het beste kunnen begeleiden in het studiekeuzeproces. Organiseer een informatieavond voor ouders en leg hen de kunst van het vragen stellen uit. Benadruk dat het vaak effectiever is om de jongere vooral zo veel mogelijk vragen te stellen vanuit interesse en nieuwsgierigheid, dan om hem of haar te vertellen wat volgens jou de beste keuze is. Geef hen als tip mee om te proberen hun oordeel uit te stellen, of zelfs helemaal achterwege te laten. Sommige opmerkingen, maar ook vragen, kunnen voor de ouder zelf onschuldig voelen, terwijl deze voor de jongere aanvoelt als een waardeoordeel. Stimuleer de ouders daarnaast om hun kind zowel de ruimte te geven om zijn of haar eigen keuze te maken, waardoor het gevoel van autonomie bij de jongere groeit, maar wel betrokken te zijn, waardoor aan de behoefte ‘verbondenheid’ wordt voldaan. Dit is een uitdaging en ook geen garantie voor succes, maar door hier alert op te zijn is de kans groter dat de jongere zich gemotiveerd zal voelen om met zijn of haar studiekeuzeproces aan de slag te gaan, dan wanneer hij of zij het gevoel heeft in een richting geduwd te worden, of zich constant moet verdedigen.
Netwerken
Naast het betrekken van de leerlingen zelf, de ouders en de andere mensen in de directe omgeving van de leerling, kan het ook erg helpend zijn om mensen bij het studiekeuzeproces te betrekken die verder van de leerling af staan. In Tip 6 stonden we stil bij verschillende mensen die een mooie bijdrage kunnen leveren aan het studiekeuzeproces van jouw leerlingen. Zo kunnen oud-leerlingen tijdens voorlichtingen vertellen over hun studiekeuzeproces en hun ervaringen van het studentenleven, en kan je leerlingen stimuleren om met professionals in het werkveld in gesprek te gaan. Zowel de oud-leerlingen als professionals kunnen een stip op de horizon bieden: ooit stonden zij ook in de schoenen van jouw leerlingen, hoe zijn zij gekomen waar ze nu zijn en hoe was het pad daarnaartoe? De toekomst gaat zo meer leven voor de leerlingen en twijfels en vragen kunnen worden aangekaart. Bijkomend voordeel van het betrekken van mensen van buiten school: leerlingen nemen vaak nog meer aan van iemand die wat verder weg staat, dan van begeleiders die ze elke dag al zien.
Verschillende perspectieven en aanpakken
Meer mensen bij het studiekeuzeproces betrekken, betekent nog meer verschillende perspectieven en aanpakken die de leerling in beweging zou kunnen krijgen. Een oud-leerling heeft een andere uitwerking op een vastgelopen studiekiezer dan jij als begeleider. Ouders zullen weer een andere uitwerking hebben op de jongere. En een professional in het werkveld weet misschien weer op een ander knopje te drukken. Hoe meer verschillende mensen betrokken zijn bij het studiekeuzeproces van een leerling, hoe groter de kans dat het iemand lukt om hem of haar te motiveren.